Hardcorepionier Steve Sweet, alias Darkraver, staat al meer dan 35 jaar achter de draaitafels. De Haagse DJ bouwde in de jaren negentig een legendarische status op in de gabberscene. Maar achter de roem, de volle zalen en de eindeloze flessen Bacardi schuilt ook een geschiedenis van financiële tegenslagen. Meerdere keren zag hij tonnen aan inkomsten verdwijnen door problemen met boekingskantoren.
LEES OOK: “Er hangt iets in de lucht bij Classified waardoor iedereen vol gas gaat”
Sweet begon zijn carrière begin jaren negentig, een tijd waarin de house- en gabberscène explosief groeide. Administratie was vaak een bijzaak. “In het begin was het allemaal hobby. Een uurtje draaien kostte 750 gulden en als iemand vroeg om een factuur, dachten we: wat factuur? We deden maar wat.”
“Ik had een ton belastingschuld en had natuurlijk helemaal niks bijgehouden.”
Die losse houding kwam Darkraver uiteindelijk duur te staan. De Belastingdienst bleek de snelgroeiende house-industrie goed in de gaten te houden. “De Belastingdienst spaarde gewoon alle flyers van feesten”, vertelt Sweet. “Ik hoorde dat via-via wel, maar dacht dat het wel mee zou vallen. Totdat de gabbercultuur en die housefeesten als paddenstoelen uit de grond schoten en we écht overal stonden te draaien. Toen het besef kwam dat het misschien wel handig was om iets te regelen, was het al te laat.”
De rekening was fors. “Ik had een ton belastingschuld en had natuurlijk helemaal niks bijgehouden. Mijn hele huis is leeggehaald. Mijn bankstel, mijn magnetron, de koelkast… Bijna alles namen ze mee.”
Maar de belastingproblemen bleken niet de laatste financiële klap in zijn carrière.

Van gigantisch succes naar nóg een financiële klap
Halverwege de jaren 2000 belandde Sweet bij het boekingskantoor BB Bookings, waar ook artiesten als Neophyte en The Prophet zaten. In die periode scoorde hij een gigantische Top 40-hit met ‘Kom tie dan hè!’
“Mijn gage ging omhoog en het geld bleef maar binnenstromen. Een van die twee eigenaren stelde toen voor om mijn geld bij hen te ‘parkeren’. Daar stond op een gegeven moment ruim een ton van mij geparkeerd.”
Het bleek echter te mooi om waar te zijn. Al het geparkeerde geld verdween als sneeuw voor de zon. “Jeroen Streunding van Neophyte belde me in blinde paniek op: ‘Heb jij je geld?!’ Ik snapte er niks van. Bleek dat een van die twee eigenaren zijn partner had genaaid en met al het geparkeerde geld van de artiesten naar Zwitserland was gevlucht. Twee ton, misschien wel meer.”
“Mijn boekhouder heeft er een advocaat op gezet. Uiteindelijk hebben we met veel pijn en moeite nog een deel van dat geld teruggekregen. Maar het was een enorme klap.”

“Ik vertrouwde haar blind”
Jaren later ging het opnieuw mis. Dit keer bij een boekingskantoor dat werd gerund door iemand die Sweet al sinds de middelbare school kende. “Ik vertrouwde haar blind”, zegt hij. “Zij was mijn vertrouwenspersoon tijdens vergaderingen met mijn boekhouder.”
Tot diezelfde boekhouder ontdekte dat er iets niet klopte. “Toen Theo zelf ging graven, ontdekte hij dat ze al een paar jaar lang maandelijks stelselmatig bedragen van mijn gages afsnoepte. We hebben haar ermee geconfronteerd en ze is direct verdwenen. Ze reageerde nergens meer op. Uiteindelijk heeft mijn boekhouder er een incassobureau op gezet en hebben we een flink deel teruggekregen.”

“Zolang de boekingen binnenstromen zie ik geen enkele reden om te stoppen”
Ondanks alles blijft de DJ opvallend nuchter onder de gebeurtenissen. “Ik ben van nature goed van vertrouwen en dat ben ik nog steeds. Ik móét het ook wel uit handen geven, want ik kan onmogelijk alles zelf regelen.”
En stoppen? Dat zit er voorlopig niet in. “Stoppen? Ben je gek! Mensen vragen wel eens of ik niet te oud word. Maar zolang de boekingen binnenstromen zie ik geen enkele reden om te stoppen. Waarschijnlijk val ik ooit dood neer achter de DJ-booth.”
Het volledige interview met Steve Sweet is te lezen op de website van de Nieuwe Revu.
Beeldmateriaal via: Darkraver
